De persoon van God

Inleiding

 

Al duizenden jaren filosoferen mensen over God. Sommigen proberen via meditatietechnieken iets van het eeuwige Wezen te begrijpen, maar de ware kennis over God kan alleen uit de Bijbel worden verkregen. Hoe wordt God voorgesteld in de Schrift?

1.God is een persoon

God is geen onpersoonlijke energie of oergrond van alles. God is een persoon. Hij is niet een “iets” maar een “iemand”. Een persoon heeft zelfbewustzijn, een wil, verstand en gevoel. Dat heeft God ook. God spreekt over Zichzelf als: “Ik de Here”. Hij heeft gedachten en kennis (Psalm 92:6; Jesaja 55:8), gevoelens zoals ontferming en toorn (Psalm 103:13; Numeri 11:1) en een wil (1 Timotheüs 2:3,4; 1 Thessalonicenzen 4:3,4).

Omdat zowel God als de mens personen zijn kunnen ze een persoonlijke relatie met elkaar hebben. Een mens kan contact met God hebben en met Hem wandelen (Genesis 5:24; Genesis 6:9). God kan met de mensen communiceren. Hij spreekt tot hen, maakt hen dingen duidelijk en andersom kan dat ook.

2.God is geest

God is een Geest.
“God is Geest en wie Hem aanbidden, moeten Hem aanbidden in geest en waarheid”(Johannes 4:24).

Een geest heeft geen vlees en beenderen.
“Zie Mijn handen en Mijn voeten, want Ik ben het Zelf. Raak Mij aan en zie, want een geest heeft geen vlees en beenderen, zoals u ziet dat Ik heb” (Lukas 24:39).

Daarom kunnen we God niet zien.
“De Koning nu der eeuwen, de onvergankelijke, de onzichtbare, de alleen wijze God” (1 Timotheüs 1:17).

3. God is de enige God

In tegenstelling tot de vele heidense afgoden, is er maar één ware, levende God.

“Luister, Israël! De HEERE, onze God, de HEERE is één!” (Deuteronomium 6:4)

“Zo zegt de HEERE, de Koning van Israël, zijn Verlosser, de HEERE van de legermachten: Ik ben de Eerste en Ik ben de Laatste, en buiten Mij is er geen God” (Jesaja 44:6).

“Buiten Mij is er geen andere God, een rechtvaardig God, een Heiland; er is niemand behalve Ik” (Jesaja 45:21).

4. God is groot

De grootheid van God blijkt uit Zijn eeuwigheid, Zijn almacht, Zijn soevereiniteit, Zijn alwetendheid en Zijn alomtegenwoordigheid.

 Hij is eeuwig.

God heeft geen begin en ook geen einde. Hij is er altijd geweest en zal er altijd zijn.

“Al voor de bergen geboren waren en U de aarde en de wereld voortgebracht had, ja van eeuwigheid tot eeuwigheid bent U God” (Psalm 90:2).

“De Koning nu der eeuwen, de onvergankelijke..” (1 Timotheüs 1:17)

“…Uw jaren duren voort van generatie op generatie. U hebt voorheen de aarde gegrondvest, de hemel is het werk van Uw handen. Die zullen vergaan, maar U zult standhouden; zij alle zullen verslijten als een kleed. U zult ze verwisselen als een gewaad en zij zullen verdwijnen. Maar U blijft Dezelfde, aan Uw jaren zal geen einde komen.” (Psalm 102:25-27)

Hij is onveranderlijk.

Omdat God niet verandert kunnen we op Hem vertrouwen. God neemt nooit zijn woord terug. God is niet wispelturig. Hij zegt niet iets om vervolgens weer van gedachten te veranderen. Hij blijft altijd dezelfde.

“Ook liegt de Onveranderlijke niet, en Hij heeft er geen berouw over; want Hij is geen mens, dat Hij ergens berouw over hebben zou” (1 Samuël 15:29).

“Want Ik de HEERE, ben niet veranderd”(Maleachi 3:6).

“Elke goede gave en elk volmaakt geschenk is van boven en daalt neer van de Vader der lichten, bij Wie er geen verandering is, of schaduw van omkeer” (Jacobus 1:17).

 

Hij is almachtig.

Voor God is niets te groot of te moeilijk, niets gaat Gods macht te boven. Bij God zijn alle dingen mogelijk.

“Ik weet dat U alles vermag, en geen plan is onmogelijk voor U” (Job 42:2).

“Zie, Ik ben de HEERE, de God van alle vlees. Zou ook maar iets voor Mij te wonderlijk zijn?” (Jeremia 32:27).

“…bij God zijn alle dingen mogelijk.“(Mattheüs 19:26)

Daarom wordt God in de Bijbel regelmatig de Almachtige genoemd (Genesis 17:1; Openbaringen 21:1)

Een van de duidelijkste bewijzen van Gods almacht is de schepping. God schiep alles wat er is, zowel de hemel als de aarde. Dat deed Hij uit het niets, slechts door te spreken.

“In het begin schiep God de hemel en de aarde” (Genesis 1:1).

“En God zei: Laat er licht zijn! En er was licht” (Genesis 1:3).

“Want Hij spreekt en het is er, Hij gebiedt en het staat er” (Psalm 33:9).

 

Hij is vrijmachtig (soeverein)

God kan doen en laten wat Hij wil. Er is niemand die God kan tegenhouden of hinderen in de uitoefening van zijn macht. Als God iets wil dan doet Hij het en niets kan Hem daar van weerhouden.

“…Ik zal werken en wie zal het keren?” (Jesaja 43:13)

“Onze God is immers in de Hemel, Hij doet al wat Hem behaagt.” (Psalm 115:3)

“Al wat de HEERE behaagt, doet Hij, in de hemel en op de aarde, in de zeeën en alle diepe wateren. Hij doet dampen opstijgen van het einde der aarde, Hij maakt de bliksemflitsen bij de regen, Hij brengt de wind uit Zijn schatkamers naar buiten.” (Psalm 135:6,7)

 

God is dus aan niets of niemand gebonden. Er is maar één ding waaraan God gebonden is, en dat is aan Zijn eigen karakter. God zal nooit iets doen wat tegen Zijn rechtvaardigheid, Zijn trouw, Zijn liefde enzovoort in gaat.

“Als wij ontrouw zijn, blijft Hij getrouw. Hij kan zichzelf niet verloochenen.” (2 Timotheüs 2:13)

 

Hij is alomtegenwoordig.

God is op hetzelfde moment overal tegelijk aanwezig.

“Waar kan ik Uw Geest ontgaan, waar Uw aangezicht ontvluchten? Al steeg ik op naar de hemel, U bent daar; of legde ik mij neer in de hel, zie, U bent daar. Nam ik vleugels van de dageraad, woonde ik aan het einde van de zee, ook daar zou Uw hand mij leiden en Uw rechterhand mij vasthouden” (Psalm 139:7-9).

 

Hij is alwetend.

God weet alles wat er te weten valt. Hij heeft alle kennis.

“Onze HEERE is groot en geweldig in kracht, Zijn inzicht is onmetelijk.” (Psalm 147:5)

 Hij kent het grote wereldgebeuren, maar Hij kent ook onze intiemste gedachten.

“De ogen des Heren zijn op elke plaats: ze slaan slechte en goede mensen gade.” (Spreuken 15:3)

“HEERE, U doorgrondt en kent mij. U kent mijn zitten en mijn opstaan, U begrijpt van verre mijn gedachten. U onderzoekt mijn gaan en mijn liggen, U bent met al mijn wegen vertrouwd. Al is er nog geen woord op mijn tong, zie, HEERE, U weet het alles.” (Psalm 139:1-4)

Omdat God alles weet is niets voor Hem verborgen. Alles is voor Hem naakt en ontbloot. God is een rechter, voor wie niets verborgen is, die werkelijk alle feiten kent.

“En er is geen schepsel onzichtbaar voor Hem, maar alles ligt naakt en ontbloot voor de ogen van Hem aan Wie wij rekenschap hebben af te leggen.” (Hebreeën 4:13)

God heeft volmaakte kennis van het verleden, van het heden en zelfs van de toekomst. Daarom kan Hij aan ons vertellen wat er in de toekomst zal gebeuren.

“Ik ben God, en er is er geen als Ik, Die vanaf het begin verkondig wat het einde zal zijn, van oudsher de dingen die nog niet plaatsgevonden hebben”(Jesaja 46:9,10)

 Gods kennis strekt zich uit tot de kleinste details. Hij is op de hoogte als er een musje van het dak valt. Niets gaat buiten God om. Hij weet zelfs hoeveel haren er op ons hoofd zijn. Daarom hoeven we nergens bang voor te zijn.

“Worden niet twee musjes voor een penninkje verkocht? En niet een van die zal op de aarde vallen buiten uw Vader om. En ook de haren van uw hoofd zjin alle geteld. Wees dus niet bevreesd, u gaat veel musjes te boven.” (Mattheüs 10:29-30)

 

Hij is alleen wijs

“Hem, de alleen wijze God, zij, door Jezus Christus, de heerlijkheid in alle eeuwigheid! Amen.” (Romeinen 16:27).

God is alleen wijs, Hij heeft alle wijsheid in pacht, in zijn bezit. Zijn gedachten en Zijn wegen zijn veel hoger dan onze wegen  (Jesaja 55:8,9). Daarom kunnen we God niet altijd volgen. Denk aan Job, die begreep niet wat hem overkwam. Gods wegen zijn voor ons mensen soms onnaspeurlijk (Romeinen 11:33).

5. Het karakter van God

In de punten hierboven is al veel over God gezegd. Maar er is meer. God heeft in de Bijbel ook veel over Zijn eigen karakter geopenbaard. Hieronder wordt het aangestipt. In de volgende bijbelstudie wordt het uitgewerkt.

God is heilig – Exodus 15:11; 1 Samuël 2:2; Jesaja 6:3; 1 Petrus 1:16

God is rechtvaardig – Psalm 116:5; Ezra 9:15: Psalm 145:17; Jeremia 12:1

God is genadig – Psalm 103:8-13; Psalm 86:15; Efeze 2:4,5; Efeze 2:8,9

God is liefde – 1 Johannes 4:9,10; Johannes 3:16; Rom 5:8

God is trouw – 1 Korinthe 1:9; 2 Timotheüs 2:13; Deuteronomium 7:9

God is naijverig –Jozua 24:19; Nahum 1:2

God is waarachtig –Psalm 25:8; Psalm 92:16; Jeremia 10:10

God is lankmoedig –Numeri 14:18; 2 Pet 3:8,9

 

Tot besluit

Heb Hem lief. Prijs Hem. Dien Hem. Gehoorzaam Hem. Vrees Hem.

 

Toetsvragen

  1. Waar is betrouwbare informatie over God te vinden?
  2. Wat bedoelen we als we zeggen dat God een Persoon is?
  3. Wat wordt in Johannes 4:24 over God gezegd.
  4. Noem de tekst waarin staat dat God één is.
  5. Noem een tekst waaruit blijkt dat God eeuwig is.
  6. Waarom geloven we dat God almachtig is?
  7. Noem een tekst waaruit blijkt dat God alomtegenwoordig is.
  8. Bewijs dat God alles weet.
  9. Waarom is Gods alwetendheid een troost voor ons?
  10. Noem vijf karaktereigenschappen van God