Overzicht van de gaven van de Geest

Inleiding

In deze Bijbelstudie wordt een overzicht gegeven van de verschillende gaven die in de Bijbel genoemd worden.

“Want zoals wij in één lichaam vele leden hebben en de leden niet alle dezelfde functie hebben, zo zijn wij, hoewel velen, één lichaam in Christus, maar ieder afzonderlijk leden van elkaar. En nu hebben wij genadegaven onderscheiden naar de genade die ons is gegeven: hetzij profetie, naar de mate van het geloof; hetzij dienstbetoon, in het dienen; hetzij wie onderwijst, in het onderwijzen; hetzij wie bemoedigt, in het bemoedigen; wie uitdeelt, in oprechtheid; wie leiding geeft, met inzet; wie zich over anderen ontfermt, met blijmoedigheid.” (Romeinen 12:4-8)

In 1 Korinthe 12:4-11,28-31, Romeinen 12:4-8 en Efeze 4:11-13 vinden we een overzicht van de verschillende gaven die de Heilige Geest aan ons kan geven. De Heilige Geest geeft ons bij onze wedergeboorte één of meerdere van deze gaven (1 Korinthe 12:7,11). Hij  zal ons echter nooit al deze gaven geven. Er is dus geen christen die alle gaven heeft (1 Korinthe 12:12-31). Daarom zijn we als christenen op elkaar aangewezen. De ander is, door de Heilige Geest, juist goed in die dingen, waar jij niet zo goed in bent.

 

Overzicht van de verschillende gaven

De Bijbel noemt de volgende gaven:

Evangelist

Efeze 4:11

Een evangelist heeft van God speciale genade gekregen om mensen tot Jezus te leiden. Iemand die deze gave heeft, kan heel helder en krachtig het evangelie uitleggen. Er komen door iemand met deze gave dan ook regelmatig mensen tot geloof.

Dat betekent echter niet dat christenen zonder deze gave geen verantwoordelijkheid zouden hebben om het evangelie uit te dragen. Ieder van ons moet in staat zijn om het evangelie uit te leggen aan een ongelovige. Een evangelist zal zich hier echter nog meer op toe leggen dan andere christenen, omdat hij op dit gebied een speciale gave van God ontvangen heeft.

Leraar

Romeinen 12:7; Efeze 4:11

Een leraar kan helder en duidelijk de Bijbel uitleggen. Hij is in staat om de waarheid van de Bijbel op een heldere, begrijpelijke manier over te dragen. Als je naar iemand met deze gave luistert, gaat de Bijbel voor je open.

Herder

Efeze 4:11

Een herder begeleidt mensen in hun geestelijke groei. Een belangrijk onderdeel hiervan is het helpen van mensen die problemen hebben. Maar het is meer dan dat. Een herder heeft aandacht voor de geestelijke toestand waarin iemand verkeert. Hij krijgt van God wijsheid hoe hij iemand in zijn geestelijk leven verder kan helpen. Iemand met deze gave is in staat om mensen heel doelgericht verder te helpen met Gods woord.

Dienen

Romeinen 12:7; 1 Korinthe 12:18

Bij dienen kun je aan heel veel dingen denken. Als wij als christenen samenkomen moet er bijvoorbeeld een heleboel gedaan en geregeld worden. Er moet koffie gezet worden, voor eten gezorgd worden, de stoelen moeten klaar gezet worden enzovoort. Maar je hoeft niet alleen aan de gemeentesamenkomsten te denken. Klaar staan voor je broeders en zusters en hen helpen wanneer dat nodig is, is ook dienen. Iedere christen is geroepen om te dienen (Galaten 5:13) maar sommigen onder ons hebben een speciale gave (een speciale bekwaamheid) op dit gebied.

 Vermanen

Romeinen 12:8

Iedere christen moet op zijn tijd anderen vermanen (Hebreeën 3:13). Er is echter ook een speciale gave op dit gebied. De meesten van ons weten wel dat vermanen erg moeilijk is, omdat je bij het vermanen heel snel te slap of juist te scherp bent. Het is moeilijk om de juiste toon voor iedere persoon te vinden. Iemand met de gave van vermanen kan dit heel goed.

Uitdelen

Romeinen 12:8

Dit is de kunst om op het juiste moment, met de fijngevoeligheid van de Heer, iemand materieel te ondersteunen. Het moet eenvou­dig, zonder “poeha” gebeuren. Dit moet in principe ook elke christen doen, maar mensen met deze gave zijn er erg goed in. Mensen met deze gave krijgen zeer regelmatig wijsheid (leiding van God) om geld of goederen te geven aan anderen.

Leiding geven

Romeinen 12:8; 1 Korinthe 12:28

Het gaat hier om het vermogen tot besturen, het vermogen om leiding te geven binnen de gemeente.

 Ontfermen

Romeinen 12:8

Jezelf ontfermen over nood in allerlei vormen. Dit is dus ruimer dan de gave van uitdelen. Tot ontfermen worden alle christenen opgeroepen, maar er zijn dus mensen die een speciale bekwaamheid op dat gebied van God hebben gekregen.

Woord van wijsheid (spreken met wijsheid)

1 Korinthe 12:8

Wijsheid heeft te maken met inzicht in hoe de dingen werken en in elkaar zitten. Een wijs man weet wat in elke situatie te doen. Op natuurlijk gebied komt de wijsheid meestal met de jaren, door levenservaring. Bij christenen is dat meestal ook zo, maar sommige christenen ontvangen op dit gebied blijkbaar een specia­le bekwaamheid.

 Woord van kennis (spreken met kennis)

1 Korinthe 12:8

Kennis is niet hetzelfde als wijsheid. Wijsheid is meer toegepas­te kennis. Kennis heeft te maken met de kennis van de Bijbel en het christelijk leven. De gave van kennis ligt dicht tegen de gave van onderwijzen aan. De gave van onderwijzen veronderstelt een zekere kennis. Bij de onderwijzer is er daarnaast de speciale bekwaamheid om de kennis over te brengen.

Geloof

1 Korinthe 12:9

Iedere christen heeft geloof en moet wandelen in geloof (2 Korinthe 5:7). Maar niet iedere christen heeft de gave van het geloof. Een geloof voor bijzondere dingen, een geloof dat bergen verzet. Toch kunnen wij ons er niet achter verschuilen als wij deze gave niet hebben. Kleingeloof of ongeloof wordt in de Bijbel nooit goed ge­praat.

Onderscheiding van geesten

1 Korinthe 12:10

Het vermogen om te onderkennen uit welke bron iets voortkomt. Uit welke bron een ervaring of een lering, voortkomt. Uit God, uit de mens zelf, of uit demonische bron.

Als je de drie Bijbelgedeelten, waarin de verschillende geestesgaven genoemd worden, hebt gelezen, zal het je opvallen dat er, in de hiervoor gegeven opsomming,  een aantal gaven ontbreken.  Het gaat om de volgende gaven: apostel, profeet, talen (tongen), uitleggen van talen, krachten en genezingen. Over deze gaven bestaat veel verwarring. Daarom zullen we deze gaven apart bespreken, in de volgende drie Bijbelstudies.

 

Tot elk goed werk volkomen toegerust

“Heel de Schrift is van God ingegeven en is nuttig om daarmee te onderwijzen, te weerleggen te verbeteren en op te voeden in de rechtvaardigheid, opdat de mens die God toebehoort, volmaakt zou zijn, tot elk goed werk volkomen toegerust.” (2 Timotheüs 3:16,17)

God wil dat wij tot elk goed werk volkomen toegerust zijn.

We moeten ons dus niet blind staren op de verschillend gaven. Tegenover bijna elke gave staat een gebod dat gericht is aan alle christenen. Tegenover de gave van evangelist staat bijvoorbeeld de zendingsopdracht die gericht is aan heel de gemeente (Mattheüs 28:18-20). Tegen over de gave van leraar staat de volgende opdracht gericht aan iedere christen: “onderwijs elkaar” (Kolossenzen 3:16).

Misschien heb jij de gave van het vermanen niet maar als je een christen ziet die in zonde leeft is het jouw plicht om hem terecht te wijzen (Galaten 6:1). Misschien heb jij de gave van het dienen niet, maar als je medechristenen hulp nodig hebben is het jouw plicht om hen te helpen. God roept ons immers op om elkaar lief te hebben (Johannes 13:34; 1 Petrus 1:22,23; 1 Johannes 3:16-18). Kortom we moeten tot elk goed werk volkomen toegerust zijn. We moeten bereid zijn om alles te doen wat op ons pad komt. Elk goed werk, wat het ook voor werk is.

Dat je een bepaalde gave niet hebt, betekend dus niet dat je nooit iets op dat gebied voor God zult doen. Het betekent echter wel dat God je niet voortdurend zal leiden om iets op dat gebied te doen. Als je een bepaalde gave hebt, is het Gods wil dat je, je op dat gebied toelegt. Als iemand bijvoorbeeld de gave van evangelist heeft, zal God hem ongetwijfeld leiden om het grootste deel van zijn tijd en energie te geven aan evangelisatiewerk. Iemand, die deze gave niet heeft zal hier minder tijd en energie in steken. Iemand met de gave van herder zal voortdurend door God geleid worden om door persoonlijke aandacht mensen geestelijk verder te helpen. Iemand, die deze gave niet heeft, zal dat ook doen, als God het op zijn weg brengt, maar hij zal niet door God geleid worden om zich hier speciaal op toe te leggen.

 

Toetsvragen
1. Waar is iemand met de gave evangelist goed in?
2. Hebben alle christenen de verantwoordelijkheid om het evangelie uit te dragen? Leg uit.
3. Wat houdt de gave van leraar in?
4. Wat doet een herder?
5. Hoe moet je iemand vermanen?
6. Ken je iemand in je omgeving met de gave van dienen?
7. Hoe zou jij je medechristenen kunnen dienen?
8. Wat houdt de gave van leiding geven in?
9. Weet jij al welke gave(n) je van God ontvangen hebt?
10. Ben jij tot elk goed werk volkomen toegerust? Wat zou je nog moeten leren?